Turks leren

 

De vorige les

De lessenindex

De volgende les

De achtendertigste les - De positie van het vraagwoordje in de zin

Bespreking

Het vraagwoordje komt normaal gesproken achter het werkwoord te staan.  Ga je echter een bepaald zinsdeel in vraag stellen (het onderwerp, het lijdend voorwerp, ...) dan komt het vraagwoord samen met dat zinsdeel vlak voor het werkwoord te staan.  Van deze regel kan echter afgeweken worden.

Een kort voorbeeldje :

Beni seviyor musun? Hou je van mij?
Beni mi seviyorsun? Is het van mij dat je houdt?


Het lijdend voorwerp herkennen mag nooit geen probleem worden vanwege de suffix.  Nu volgen er nog  voorbeeldjes waarbij de eerste van iedere groep de standaard woordvolgorde gebruikt, de plaats van ieder zinsdeel geeft toch een verschil aan in het belang dat de spreker eraan hecht.  Een andere reden kan zijn : het uitdrukken van verbazing :

İpek Erdoğan'ı seviyor mu? Houdt İpek van Erdoğan?
Erdoğan'ı İpek seviyor mu? Houdt İpek van Erdoğan?
Erdoğan'ı seviyor mu İpek? Houdt İpek van Erdoğan?
İpek seviyor mu Erdoğan? Houdt İpek van Erdoğan?
   
İpek Erdoğan mı seviyor? Is het van Erdoğan dat İpek houdt?
Erdoğan mı İpek seviyor? Is het van Erdoğan dat İpek houdt?
   
Erdoğan'ı İpek mi seviyor? *4 Is het İpek die van Erdoğan houdt?
İpek mi Erdoğan'ı seviyor? *4 Is het İpek die van Erdoğan houdt?

Algemene vraag, niets bijzonder aan de hand.

De vraagsteller vraagt zich af of Ipek al dan niet van Erdogan houdt.

De vraagsteller is verbaast en gelooft/geloofde niet dat Ipek van Erdogan houdt maar denkt/dacht dat Ipek van iemand anders houdt.

*4 De vraagsteller is verbaast dat Ipek van Erdogan houdt want hij dacht dat iemand anders van Erdogan houdt.


Als je het "onderwerp" in vraag wil stellen moet je de externe persoon gebruiken :

Beni seviyor musun? Hou je van mij?
Beni mi seviyorsun? Is het van mij dat je houdt?
Beni sen mi seviyorsun? Ben jij het die van mij houdt?
Sen mi beni seviyorsun? Ben jij het die van mij houdt?
   
Seni ben mi seviyorum? Ben ik het die van je houdt?
Ben mi seni seviyorum? Ben ik het die van je houdt?


Ik heb je verteld dat je het vraagwoordje niet overal kunt plaatsen, nu geef ik enkele foutieve voorbeelden :

Beni seviyorsun mu? Het vraagwoordje staat in de 3de persoon, het onderwerp is in 2de persoon.
Bu mu kitap enteresan? "bu kitap" vormt één geheel (dit boek) en dat moet zo blijven!
Benim mi kitabım enteresan? "benim kitabım" vormt één geheel (MIJN boek) en dat moet zo blijven!

 

Voorbeelden

Ik ga slechts enkele voorbeelden uit de vorige les herhalen en het vraagwoordje op een andere plaats zetten zodat je het betekenisverschil kunt ontdekken.  Bij de iets langere zinnen heb ik "het gevraagde" wat donkerder gemaakt:

Bu kitap enteresan? Is dit boek interessant?
Bu kitap mı enteresan? Is het dit boek dat interessant is?
   
Köpek balığı hasta mı? Is de haai ziek?
Köpek balığı mı hasta? Is het de haai die ziek is?
   
O köpek balığı hasta köpeğimizi yiyor mu? Is die haai onze zieke hond aan het eten?
O köpek balığı mı hasta köpeğimizi yiyor? Is het die haai die onze zieke hond aan het eten is?
O köpek balığı hasta köpeğimizi mi yiyor? Is het onze zieke hond die die haai aan het eten is?
   
Hasta köpeğimizi o köpek balığı mı yiyor? Is het die haai die onze zieke hond aan het eten is?
Hasta köpeğimizi mi yiyor o köpek balığı? Is het onze zieke hond die die haai aan het eten is?

Er zou geen enkel twijfel mogen rijzen over welk nu het onderwerp is en welk nu het lijdend voorwerp is.  Het verplichte gebruik van de suffix voor het lijdend voorwerp geeft hier uitsluitsel.  Deze twee laatste voorbeelden volgen dus niet de neutrale zinsvolgorde, welke "onderwerp + lijdend voorwerp + werkwoord" is en blijft (zie les 26).  Mocht het niet duidelijk zijn, aarzel dan niet om me te mailen.

 


Deze tekst is door mezelf opgesteld, gelieve hem niet te kopiëren zonder voorafgaande toestemming, om deze te bekomen mail me dan op : < fibergeek @ codegurus.be > (gelieve de spaties te verwijderen!).  U kan me op dit e-mailadres ook bereiken i.v.m. opmerkingen, bedenkingen en/of vragen.
 

De vorige les

De lessenindex

De volgende les