Turks leren

 

De vorige les

De lessenindex

De volgende les

De vijfentwintigste les - De werkwoordelijke zin (inleiding: de tegenwoordige tijd)

Introductie

Tot nu toe heb je nog maar enkel de naamwoordelijke zin gezien.  Nu beginnen we aan het leuke werk, de werkwoordelijke zin.  De lessen zullen nu iets langer worden en hopelijk niet saaier.  Ik zal meteen beginnen met je de infinitief uit te leggen.

De infinitief wordt gevormd door aan de stam de suffix "-mEk" toe te voegen.  In de meeste woordenboeken vind je alle werkwoorden zo terug en kan je eenvoudig de stam afleiden, geen uitzonderingen hier!  Je hebt de stam nodig om je zinnen te kunnen opbouwen.

Voorbeelden :

Stam Infinitief Nederlandse infinitief
yap yapmak doen
koş koşmak lopen
öp öpmek kussen
söyle söylemek zeggen


Sommige zelfstandige naamwoorden, wanneer gebruikt met een werkwoord kunnen de betekenis van het werkwoord veranderen, een voorbeeld :

"söylemek" = "zeggen"
"şarkı" = "lied"
"şarkı söylemek" = "zingen" en niet "een lied zeggen"

 

De tegenwoordige tijd

Ik zal beginnen met de tegenwoordige tijd : "ik ben aan het ...".

Wat ben je aan het doen? Ne yapıyorsun?
Ik ben aan het kussen. Öpüyorum.

Wat ben je aan het doen? Ne yapıyorsun?
Ik ben aan het zingen. Şarkı söylüyorum.

De suffix voor de tegenwoordige tijd, welke inhoudt dat er op dat moment iets aan het gebeuren is, is "-)yor".  Dit is meteen een speciale suffix op twee gebieden; hij heeft een onvervangbare klinker "o" en als de stam eindigt op een lage klinker gebeurt er iets wat u in den beginne kan verwarren.
 

De stam eindigt op een medeklinker

Ik zal beginnen met het werkwoord "koşmak", deze stam ("koş") eindigt met een medeklinker en hierbij treedt gelukkig niets speciaal op :

1ste persoon enkelvoud Ik ben aan het lopen. Koşuyorum.
2de persoon enkelvoud Jij bent aan het lopen. Koşuyorsun.
3de persoon enkelvoud Hij is aan het lopen. Koşuyor.
  Zij is aan het lopen. Koşuyor.
1ste persoon meervoud Wij zijn aan het lopen. Koşuyoruz.
2de persoon meervoud Jullie zijn aan het lopen. Koşuyorsunuz.
3de persoon meervoud Zij zijn aan het lopen. Koşuyorlar.
  Zij zijn aan het lopen. Koşuyor.
     
beleefdheidsvorm U bent aan het lopen. Koşuyorsunuz.

 

De stam eindigt op een hoge klinker

Nu nemen we het werkwoord "büyümek" (groeien), deze stam ("büyü") eindigt met een hoge klinker en hierbij treedt het speciale van de "-)yor"-suffix ook niet op :

1ste persoon enkelvoud Ik ben aan het groeien. Büyüyorum.
2de persoon enkelvoud Jij bent aan het groeien. Büyüyorsun.
3de persoon enkelvoud Hij is aan het groeien. Büyüyor.
  Zij is aan het groeien. Büyüyor.
1ste persoon meervoud Wij zijn aan het groeien. Büyüyoruz.
2de persoon meervoud Jullie zijn aan het groeien. Büyüyorsunuz.
3de persoon meervoud Zij zijn aan het groeien. Büyüyorlar.
     
beleefdheidsvorm U bent aan het groeien. Büyüyorsunuz.

Dus büyümek : büyü = büyü + -)yor = büyüyor.

 

De stam eindigt op een lage klinker

Nu nemen we het werkwoord "beklemek" (wachten), deze stam ("bekle") eindigt met een lage klinker en hierbij treedt het speciale van de "-)yor"-suffix op.  Zoals reeds lichtjes vermeld in les 2, een lage klinker gevolgd door een ypsilon verandert de uitspraak in een lage klinker.  Normaal gesproken wordt dit in de schrijftaal niet weergegeven, de "-(İ)yor"-suffix is hierop de uitzondering :

1ste persoon enkelvoud Ik ben aan het wachten. Bekliyorum.
2de persoon enkelvoud Jij bent aan het wachten. Bekliyorsun.
3de persoon enkelvoud Hij is aan het wachten. Bekliyor.
  Zij is aan het wachten. Bekliyor.
1ste persoon meervoud Wij zijn aan het wachten. Bekliyoruz.
2de persoon meervoud Jullie zijn aan het wachten. Bekliyorsunuz.
3de persoon meervoud Zij zijn aan het wachten. Bekliyorlar.
  Zij zijn aan het wachten. Bekliyor.
     
beleefdheidsvorm U bent aan het wachten. Bekliyorsunuz.

Dus beklemek : bekle - e = bekl + -)yor = bekliyor.

 


Nog een voorbeeld

Probeer dit werkwoord zelf eens te vervoegen op papier voordat je naar de tabel kijkt.

springen = atlamak

Oplossing :

1ste persoon enkelvoud Ik ben aan het springen. Atlıyorum.
2de persoon enkelvoud Jij bent aan het springen. Atlıyorsun.
3de persoon enkelvoud Hij is aan het springen. Atlıyor.
  Zij is aan het springen. Atlıyor.
1ste persoon meervoud Wij zijn aan het springen. Atlıyoruz.
2de persoon meervoud Jullie zijn aan het springen. Atlıyorsunuz.
3de persoon meervoud Zij zijn aan het springen. Atlıyorlar.
  Zij zijn aan het springen. Atlıyor.
     
beleefdheidsvorm U bent aan het springen. Atlıyorsunuz.

Want atlamak : atla - a = atl + -)yor = atlıyor.


Uitzonderingen 1

Sommige werkwoordstammen, welke op een klinker eindigen, zijn zo kort dat ze maar uit één lettergreep bestaan.  In de twee laatste voorbeelden "beklemek" en "atlamak" bestond de stam telkens uit twee lettergrepen, je kon dus telkens voortbouwen op de klinker van de voorafgaande, eerste lettergreep.  In het geval dat de werkwoordstam maar uit één lettergreep bestaat, gebruik je altijd de letter "i".  Dit is trouwens maar een kort lijstje met werkwoorden :

Demek = Diyor... (zeggen)
Yemek = Yiyor... (eten)



Uitzonderingen 2

Sommige werkwoorden kennen een wijzigende medeklinker.  Deze wijzigende medeklinker treedt niet alleen op bij de "-(İ)yor"-suffix maar ook bij andere werkwoordssuffixen welke met een klinker beginnen.  Dit is een vast lijstje welk je best van buiten leert, het zal wel makkelijk gaan want de meeste van deze werkwoorden zijn veel gebruikt..

Gitmek = Gidiyor... (gaan)
Etmek = Ediyor... (maken)

Voor latere lessen : ook afgeleide vormen van "etmek" krijgen deze letterwijziging!

 


Deze tekst is door mezelf opgesteld, gelieve hem niet te kopiëren zonder voorafgaande toestemming, om deze te bekomen mail me dan op : < fibergeek @ codegurus.be > (gelieve de spaties te verwijderen!).  U kan me op dit e-mailadres ook bereiken i.v.m. opmerkingen, bedenkingen en/of vragen.
 

De vorige les

De lessenindex

De volgende les